Spring naar inhoud

Sacramentsdag – een bezinning van de Heilige Pièrre-Julien Eymard: ‘Eerherstelling door de H. Communie’

Vandaag is het Sacramentsdag, het Hoogfeest van het Allerheiligste Sacrament. In onze landen wordt dit feest in principe naar de daaropvolgende zondag verschoven. Bij deze gelegenheid een preek van de Heilige Pièrre-Julien Eymard, priester en stichter van de Congregatie van het Allerheiligste Sacrament, over eerherstel door de H. Communie:

God, die nog wonderbaarder is in de herstelling der menselijke natuur, dan in haar schepping! – Missaal

Jezus heeft de H. Eucharistie ingesteld om de mens in eer te herstellen. De mens heeft zichzelf zeer verlaagd door de erfzonde; hij heeft zijn hemelse afkomst vergeten; hij heeft zijn waardigheid van koning der schepping vergeten; hij is gelijk geworden aan de dieren, welke hij moest besturen; hij heeft zich temidden van hen geworpen: de zwakken vluchten hem; de sterken vallen hem aan, de zonde heeft van hun meester hun doodsvijand gemaakt. Hij blijft hun koning van natuur, maar een onttroonde koning. Van zijn domein beroofd, verlaagt de mens zich nog dieper door zijn persoonlijke zonde: hij daalt af tot het peil van het redeloze dier. De afgodendienaars gevoelden zich door de zonde zozeer tot het zedeloze getrokken, dat zij er hun god van hebben gemaakt en er voor neerknielden. Wat zijn Schepper betreft, hij vlucht Hem, en durft zijn ogen niet naar Hem opslaan. Maar zie, God, wonderbaar in al zijn werken! God zou de mens met schaamte overladen indien Hij hem in zijn ellendige staat tot zich riep. God zal daarom de mens in eer herstellen, hem weer eerbiedwaardig maken: Hij zal hem een goddelijk voedsel geven, dit zal hem in eer herstellen.

Het H. Doopsel zuiver de mens; de deugden van Jezus Christus zullen hem versieren; de H. Eucharistie zal hem ‘vergoddelijken’. De mens voelt zich groot, omringd van zoveel eer. En inderdaad, Jezus Christus bekleedt de priester met zijn eigen zelf: de priester is een andere Jezus Christus; hij voedt zich met Hem, zijn wil is die van Jezus; de Heer herleeft in hem. En de christen, die communiceert, deelt dit voorrecht; de christen die door de H. Communie met Jezus Christus verenigd is geworden, is onuitsprekelijk eerbiedwaardig: men is bekoord zich aan de voeten van de communicant te werpen en hem te aanbidden!

Waarom is het, dat de H. Kerk de overblijfselen der heiligen zo godvruchtig vereert, tenzij om datgene wat zij van Jezus Christus ontvingen, omdat hun ledematen zijn ledematen waren? Ik ga verder, door de H. Communie zijn wij zelfs boven de engelen verheven, zo niet van natuur, ten minste in eer. Worden wij door de H. Communie niet de aanverwanten van Jezus, andere Christussen. De engelen zijn maar zijn dienaren, en wanneer wij communiceren, o! met welke eer omringen zij ons en eerbiedigen zij ons! Ziedaar hoe de H. Communie ons gelukkiger maakt dan wij zouden geweest zijn zonder de erfzonde. Onschuldig, zou de mens altijd na de engelen gekomen zijn; herboren, met Jezus Christus verwant geworden, kan hij in de Hemel een plaats innemen verheven boven de engelen. En hoe meer wij [waardig] communiceren, hoe groter onze glorie in de Hemel zal wezen: iedere communie vermeerdert de glans van onze kroon.

Maar, menselijker wijze gesproken, waarom boezemen op het eerste zicht sommige personen, bvb. een priester, u een zekere godvruchtige eerbied in? – O! – Men erkent Jezus Christus in hen, Jezus Christus die uit hun hart over heel hun persoon uitschijnt, gelijk het viooltje, wiens geur men inademt voordat men het ziet. Indien onze Heer zijn glorie in de communicanten niet terughield, zouden zij als zonnen schitteren! Hij verbergt ze om hun nederigheid te sparen. Hij deelt er nochtans genoeg van mee, zodat Hij de aanwezigheid van een Heilige rust en welvaren bijbrengt.

Welnu, luistert: iedereen moet meewerken aan de zaligheid van de medemens, en om deze plicht te vervullen, heeft men een zeker gezag nodig overeenkomstig het te bereiken doel. Dit gezag put men slechts in de H. Communie. Men kan niet weerstaan aan iemand, die Jezus Christus in zich bezit, die het u doet voelen in zijn woorden en werken. Een priester die maar zelden de H. Mis doet, heeft zijn zending gelijk de andere priesters, maar zal nooit het gezag van zijn zending hebben. De invloed op de harten, die ze aantrekt en bekeert, komt slechts van God. Men gehoorzaamt vanzelf aan de heiligen, omdat zij een volmaakter afbeeldsel van God zijn. De dieren zelf gehoorzamen hun; en als de heiligen koninkrijken en volkeren bekeerden, was het niet door zichzelf, maar door Onze Heer Jezus Christus, die zij ontvingen en die zich in vurige vlammen uit hun harten vertoonde. O! Het is omdat de heiligen Jezus wisten te ontvangen, Hem wisten te bewaren en te doen dienen tot glorie van Zijn Vader!

Zeker, ziedaar de mens in zijn waardigheid hersteld door de H. Communie. Ja, zeker, gelukkige fout – o felix culpa! Vervallen als gij zijt door de zonde, en met beestenvellen bekleed tot straf van uw hoogmoed, bekleedt u met Onze Heer Jezus Christus. In de menselijke samenleving brengt het kleed meer of minder eerbied bij; de tekens zijner waardigheid draagt men op zijn klederen. Bekleedt u dus met Jezus Christus; met dit glorievol kleed zult gij eerbiedwaardig en geëerd zijn; gij zult gezag rondom u hebben, een gezag dat eer en liefde geeft; dit alleen kan heilzame invloed uitoefenen.

Zacheüs die men als publieke zondaar minachtte, ontvangt Jezus en aanstonds roept de Heer hem zoon van Abraham uit en doet zijn belagers zwijgen. En gij wordt veredeld door de H. Communie, en uw huizen [d.i. uw lichaam], waar gij Jezus ontvangt, zijn eervol en eerbiedwaardig. Ziedaar de herstelling van onze waardigheid.

Ik weet wel, dat wij niet in het aards paradijs zijn teruggesteld – O! Dit paradijs mag gesloten blijven. De H. Eucharistie is het paradijs, de lusthof, waar God zich met de getrouwe ziel onderhoudt. Indien men mij het aards paradijs wilde geven in ruil voor mijn tegenwoordige staat, ik zou het weigeren; ja, niettegenstaande mijn ellenden, ik zou het weigeren, om de H. Eucharistie te bewaren. De ellenden zijn toch geen zonden, en met de H. Eucharistie draagt men ze gemakkelijk; de liefde kent geen vermoeienis, of wel zij bemint ze.

En gij vooral, christelijke vrouwen, bedankt de Heer Jezus Christus die u zozeer heeft veredeld, want in het heidendom waart gij slechts slavinnen. In de H. Communie bestaat uw adel, welke gij met hetzelfde recht ontvangt als de man; in de H. Communie, die u heiligt en met God verenigt; de H. Eucharistie maakt u van het gevolg der H. Maagd. Van Godswege hebt gij het recht aan zijn goddelijk feestmaal aan te zitten: ongelukkig uw echtgenoten als zij u deze eer beletten. Wanneer gij ophoudt te communiceren, zult gij terugvallen tot uw verachtelijke staat, waaruit de H. Communie u getrokken heeft: uw grootheid komt van de H. Communie; ik weet niet van waar anders. men vlecht tegenwoordig ik weet niet wat al kronen voor de vrouw; men verkondigt haar rechten, gelijk aan die van de man. O, dat uw kroon weze de glorie van Jezus Christus te ontvangen; dat het uw recht weze in volle vrijheid altijd tot Hem te naderen; dat uw glorie weze u met Jezus te verenigen in de H. Communie, de roem van zijn eeuwige Vader, in wie en door wie de ware glorie bestaat, welke gij in haar volheid in de Hemel moogt genieten.

Amen.

Uit: Het H. Sacrament Des Altaars, door de Z.E. Pater EYMARD, stichter der Congregatie van het Allerheiligste Sacrament – tweed reeks – De H. Communie, Boekhandel van het Allerh. Sacrament, Brussel, 1903

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: