Missies in Afrika: Stichting Awaka – Hoop voor Oeganda – enkele verhalen

Sander Kesseler

Enkele weken geleden kwam Sander Kesseler, 37 jaar, bij mij op bezoek om prentjes en ander devotiemateriaal mee te nemen om die dan uit te delen in zijn missie in Oeganda. Hij zei dat hij mij kende van mijn blogs. Sander studeerde aan het Grootseminarie van ’s Hertogenbosch maar werd nooit tot priester gewijd vanwege zijn vrij traditionele standpunten, zo zei hij. Hij is nu reeds 8 jaar werkzaam in Oeganda, waar hij een schooltje heeft gebouwd en onderricht (catechese) geeft aan kinderen. Hij heeft in 2012 de stichting Awaka – Hoop voor Oeganda in het leven geroepen om zijn werk in Oeganda te ondersteunen. Sander werkt daar vrijwillig en wordt door niemand betaald. Hij is directeur van een middelbare school en werkt er voor het bisdom Mbarara als opbouwwerker.

Over Oeganda

De grenzen van Oeganda, bepaald door het British Empire, hebben diverse etnische groeperingen met ieder hun eigen culturele kenmerken en politieke systemen samengebracht. Na de onafhankelijkheid van de koloniale macht in 1962 kostte het Oeganda moeite om tot een werkend politiek stelsel te komen. Het dictatoriale regime van Idi Amin (1971-1979), die verantwoordelijk wordt gehouden voor de dood van zo’n 300.000 tegenstanders, werd gevolgd door dat van Milton Obote (1980-1985). Een periode van burgeroorlog en mensonterende situaties kostte nog eens minstens 100.000 mensen het leven. Sinds Museveni het land bestuurt (1986-heden), gaat het beter met Oeganda op bestuurlijk en economisch gebied. Het Verzetsleger van de Heer, dat in het noorden van het land rondwaart, bedreigt echter de vrede. Deze rebellengroepering wil een staat stichten op basis van de tien geboden uit de bijbel. Zo’n 20.000 kinderen zijn ontvoerd om als soldaat te dienen in dit leger. Daarnaast is de grensstreek met Kongo een zone die aan toeristen afgeraden wordt omwille van de schermutselingen die daar de kop op kunnen steken. Niettemin kent het land sinds de jaren ’90 een democratisch stelsel met onafhankelijke verkiezingen en een meerpartijensysteem.

In het noorden van Oeganda is de rebellenbeweging de ‘Lords Resistance Army’ actief, een heterodoxe ‘christelijke’ cultus. Dit is een beweging die geleid wordt door Joseph Kony, een zelfverklaarde profeet. De LRA heeft een zeer gewelddadige geschiedenis. Op grote schaal ontvoert zij kinderen en jongeren om voor hen te vechten of om als seksslavin te dienen. De LRA heeft een van de grootste humanitaire rampen in de geschiedenis veroorzaakt. In totaal zijn 1,4 miljoen mensen op de vlucht geslagen voor de rebellen. De meeste van deze vluchtelingen bevinden zich in kampen die door de regering beschermd worden. Echter, de LRA valt deze vluchtelingenkampen regelmatig binnen. Op dit moment is er een begin gemaakt met nieuwe vredesonderhandelingen tussen de LRA, Oeganda en Zuid-Soedan.

Missiewerk

Op zijn oude blog ‘Sander in Oeganda’ schreef Sander enkele aangrijpende verhalen uit de beginperiode van zijn missiewerk in Oeganda.

Een gevecht zonder einde

Hoe het is om in een oorlogssituatie te leven weet ik niet maar ik begeleid nu enkele
maanden een paar jongens in de leeftijd van 24 – 31 jaar. Deze jongens hebben gevochten
in het leger van Joseph Koney. Ze waren in de leeftijd van 6 – 8 jaar toen ze werden
ontvoerd door het leger en opgeleid om te vechten en te strijden. Hun eerste reactie is om
zich te verdedigen en de ander neer te slaan. Wanneer ik In gesprekken met hen op een
gevoelig punt zit komt bij hen dit verdedigingsmechanisme weer boven.

Het is mij moeilijk voor te stellen dat je voor je 10de levensjaar al mensen hebt vermoord.
Of dat je gedwongen werd om een kerk in brand te steken waar veel mensen in
opgesloten zaten, dat je de mensen om hulp hoort roepen en jij staat toe te kijken. Of dat je bij wijze van inwijdingsritueel een meisje hebt moeten verkrachten voor de ogen van je ‘meerderen’, om zo te bewijzen dat je een man bent geworden. Of dat je je eigen ouders hebt moeten om brengen met een mitrailleur tegen je hoofd. Dit zijn verhalen die ik krijg te horen. Vijf tot zes jaar geleden is in dit gebied nog een kerk met een priester en gelovigen in brand gezet.
Tijdens deze gesprekken denk ik vaak terug aan mijn eigen jeugd. Wat deed ik toen ik net zo oud was als hen op dat moment? Ik kom nooit verder dan hutten bouwen met mijn vrienden , met autootjes spelen en judo. Het is niet te vergelijken maar toch doe ik het. Ik zie een jongeman wiens jeugd is afgepakt en hij moet nu de rest van zijn leven verder leven met het schuldgevoel van verkrachting, moord of verminking.

Ik bid samen met een jongen die een heel dorp heeft uitgemoord. Die waarschijnlijk meer
dan 100 moorden op zijn geweten heeft. Toch praat ik met deze jongen en bid samen met
hem. Ik veroordeel hem niet. Maar hoe kan hij vergeving krijgen voor zijn daden? Deze
jongens hebben oprecht spijt maar hoe kunnen ze hun leven terugkrijgen? Ze hebben al
ruim een jaar of twee in een traject gezeten om terug te keren in de maatschappij. Ze komen niet uit deze regio maar elders uit Oeganda. Ze kennen hier niemand. Wanneer ik ze op zondag of door de weeks in de kerk zie zitten zie ik ze meestal afgezonderd zitten, in zoverre dit mogelijk is want de kerk zit meestal vol. Ze voelen zich ongemakkelijk. Vooral wanneer iemand geïnteresseerd is in hen. Enkel de pastoor, de kapelaan en ik kennen hun
geschiedenis. Ze voelen zich dan veilig en hopelijk komen ze langzamerhand los en kunnen ze zoeken wie ze zelf zijn.

Maar ik weet dat als ze een gezin zullen stichten zijn kinderen hem telkens weer zullen
herinneren aan zijn daden. Ook zal hij zien wat hij heeft gemist als hij hen ziet spelen. De
wapens zijn dan wel misschien neergelegd maar de strijd zal een leven lang duren en
hoelang kan iemand strijden in zijn leven?

Deze vijf jongens maken een diepe indruk op mij. Ze geven zich uit als wees en leven
of bij een oude priester of bij een ouder echtpaar of zelfstandig. Hoe kunnen we een
gevecht wat één persoon (Jospeh Konye) ooit begonnen is en zoveel mensen
beïnvloed stoppen? Hoe kunnen we hen vrede geven waar onvrede is?

Ik moet nu vaak denken aan het gebed wat moeder Terasa wel eens bad,
dit gebed is van de heilige Franciscus:

Daar waar haat is laat me liefde brengen,
Daar waar iets mis is, dat ik de geest van vergeving mag brengen
Daar waar wanorde is, dat ik eenheid mag brengen
Daar waar iets fout is, dat ik de waarheid mag brengen,
Daar waar twijfel is, dat ik geloof mag brengen,
Daar waar wanhoop is, dat ik hoop mag brengen,
Daar waar schaduw is, dat ik licht mag brengen,
Daar waar verdriet is, dat ik vreugde mag brengen,
Heer, geef mij dat ik zorg geef dan dat ik verzorgt wordt,
Begrip geef dan begrip krijg,
Liefde geef dan geliefd ben.
Want door vergeten is dat je vindt.
Want het is vergeven dat iemand vergeeft,
Het is door sterven dat iemand ontwaakt in het eeuwig leven.

Hoe kan ik als persoon dit alles brengen als ik het niet in me zou hebben? Ik ben er nu van
overtuigd dat God mij in mijn leven verschillende middelen en mogelijkheden heeft gegeven om al deze eigenschappen te doen ontwikkelen zodat ik nu daadwerkelijk een instrument kan zijn van Hem.

Deze jongens zijn stuk voor stuk goede jongens en behulpzaam. Soms zijn ze onzeker maar samen komen we verder.

Verschillende gezichten van AIDS

Tijdens een van mijn bezoeken aan een dorpje diep in het natuurreservaat werd ik heftig geconfronteerd met de aids problematiek. Na 2 uur rijden door de rimboe kwam ik in een dorpje van ±400 inwoners waarvan ruim 60% aids heeft. Op mijn vraag hoe dit kon gaf de priester aan dat eens in de zoveel weken prostituees uit de stad met aids dit soort dorpjes bezoeken en dan onbeschermd seks hebben en zo dus aids verspreiden. Veel mannen hebben op deze wijze HIV opgelopen en geven dit zo aan hun vrouwen en kinderen. Deze prostituees kunnen in dit soort dorpjes meer verdienen dan in de stad.

Maar er zijn mannen die denken dat ze de aids remedie hebben gevonden. Ze denken van aids te kunnen genezen wanneer je seks hebt met een maagdelijk kind. Dit is geen leugen. Dit gebeurt hier en is de harde realiteit. Op 1 december, wereld aids dag, was ik uitgenodigd om deze dag te vieren met een weeshuis in het dorp. In dit huis wonen 30 wees kinderen. Deze kinderen zijn over het algemeen AIDS wezen. Een Amerikaanse zuster heeft de leiding over dit tehuis. Veel kinderen hebben hun ouders niet gekend en zijn ze verloren aan AIDS. De kinderen krijgen bij binnenkomst een gezondheidscontrole. In het dorp leven nog eens een honderdtal kinderen zonder ouders, maar hiervoor is geen plaats of geld. De zuster wist me te vertellen dat 55% van deze kinderen in het tehuis die AIDS hadden de ziekte niet hebben opgelopen door geboorte. Dit betekent dat deze kinderen zijn misbruikt vanwege de mythe. Toen de zuster mij dit vertelde kwam een klein meisje van ongeveer 4 jaar naar mij toe gelopen en pakte mijn been vast. Toen ik naar beneden keek zag ik een lachend gezichtje, terwijl de zuster zei dat ook dit meisje AIDS had door misbruik. Ik kon niet anders dan mijn tranen weg slikken. Ik begrijp echt niet hoe iemand een kind zo iets kan aandoen.

Een ander voorbeeld wat een duidelijk weergave is van hoe de cultuur hier is. De directeur van een gerenommeerd protestantse radiostation van deze streek leeft op een paar meter van mij. Ik weet wie het is maar ik spreek niet met hem. Hij is rijk en leeft alleen in een goed huisje. In het dorp is bekend dat hij HIV heeft. Toch weet hij meerdere keren meisjes te verkrachten. Ik heb zelfs een vrouw gesproken wie haar dochter heeft verloren door hem. Hij heeft haar, toen 16 jarige, dochter verkracht. Ze raakte zwanger van hem en ze koos de confrontatie en vertelde de omgeving dat ze verkracht was en zwanger van deze man. Ook was bekend dat ze HIV had gekregen na de verkrachting. Hierop heeft deze man er zorg voorgedragen dat zij niet verder kon rond bazuinen wat hij haar had gedaan. Hierdoor heeft deze vrouw geen dochter meer. Over het algemeen verkracht deze man meisjes van andere kerken dan de zijne. Hij heeft zelfs bij gedragen aan de bouw van een soort kerk. Hij is verantwoordelijk voor de grootste christelijke radio in deze regio. Hij verkondigt het woord van God zoals hij zelf zegt, maar zijn leven laat iets anders zien. Hierop heb ik met de parochiepriester gesproken en hij bevestigde dit verhaal. Op mijn vraag waarom hij, de parochiepriester, of iemand anders niet naar de politie gaat gaf hij als antwoord: “dit meisje kan het niet meer na vertellen en ze is niet de eerste die gepoogd heeft de waarheid aan het licht te brengen.”

Geen woorden

Soms maak ik dingen mee die mij als persoon diep raken. Nu wil ik een ervaring met u delen die mij helaas lang zal bijblijven. Deze situatie heeft me niet alleen diep geraakt maar nog meer dan dat. Ik heb er gewoon geen woorden voor. Ik kies ervoor om deze onder ‘uitgelicht’ te plaatsen omdat een uitgebreide beschrijving op zijn plaats is. Ik wil er wel op attenderen dat ik een persoonlijke ervaring neerschrijf en het volledig beschrijf. Dit schrijven kan stukken bevatten die als schokkend ervaren kunnen worden maar toch wil ik dit publiceren om dat dit de realiteit is zoals die aan mij is verschenen.

Het was een vrijdagnacht en ik was alleen in de pastorie. De pastoor was bij zijn school en de kapelaan was weer eens op stap. Ik denk dat het rond 4 uur in de nacht was toen er flink aan de deur werd gerammeld en iemand schreeuwde. Wie kon dit nu zijn die zo tekeer gaat op zo’n tijd, vroeg ik me zelf af. Geïrriteerd liep ik naar de deur en zag een kind van ongeveer 11 jaar oud. Hij was buiten adem en had gehuild en was in paniek. Het enige wat hij zei was: “come and pray, you come and pray.” Kom en bid, jij kom en bid. Door de commotie was ook de secretaresse wakker geworden die in een ander gebouw slaapt. Ze kwam naar buiten en vroeg in de lokale taal wat er aan de hand was. De secretaresse vertaalde voor mij wat de jongen zei, namelijk dat zijn moeder veel pijn had en meteen een priester nodig had. Hierop gaf ik aan dat ik nog geen priester ben. Ik moest mee om voor zijn moeder te bidden. Ik besloot de pastoor te bellen maar zijn telefoon stond uit. De secretaresse en ik besloten met de jongen mee te gaan. In het donker renden wij achter de jongen aan die ik niet bij kon houden. Na een ongeveer een half uur lopen verlieten wij de weg en liepen een berg op over een smal paadje. Ik kon echt niets zien. Maar ik wist dat we in de buurt kwamen want in de verte hoorde ik gejammer en geschreeuw, daar moest het dus zijn. Ik kwam bij een auto waar een vrouw naast lag. Tussen haar benen zag ik een man zitten die me hulpeloos aankeek wat ik in het schijnsel van een telefoonlichtje zag.

Er begonnen allerlei mensen tegen me te praten. Maar ik kon er niets van verstaan. Ik knielde neer naast de vrouw die op de grond lag. Toen ik knielde voelde ik iets nats en warms, ik wist niet wat dit was. Ik maande iedereen tot rust via de secretaresse. Ik vroeg vriendelijk of iemand die jongen van 11 naar huis wou brengen, ik ging er nu van uit dat de vrouw waar ik bij neergeknield was zijn moeder moest zijn. Ik wees twee vrouwen aan die de grootste paniek veroorzaakten, zei dat ze de jongen mee moesten nemen en bij hem moesten blijven en samen met hem bidden voor zijn moeder.

Vervolgens wou ik inventariseren wat er aan de hand was. Door mijn hand op de schouder van de man te leggen en hem diep in de ogen te kijken en hem rustig te vragen het hele verhaal te doen zodat ik wist wat er aan de hand was. Vergeet niet dat dit via de secretaresse ging want de man sprak geen Engels.

Dit was er gebeurd: de vrouw die op de grond lag was eerder die nacht bevallen van hun vijfde kind. Bij de eerdere bevallingen wist men dat de nageboorte van deze vrouw moeilijk los kwam. Toen ze in de nacht begon te bevallen had de man de jongen van 11 de buurvrouw laten halen. Deze kwam en hielp bij de bevalling. Alles ging goed. Totdat het kind geboren was, na een uur gewacht te hebben en de nageboorte niet kwam begon de buurvrouw op de buik te drukken en er gebeurde niets. Vervolgens heeft ze met een stok in de vrouw gepord om te proberen de nageboorte los te maken. Hierop begon de vrouw, die net bevallen was, enorm te schreeuwen en begon ze veel bloed te verliezen. Hierop is de man op zijn fiets gesprongen en naar een dorpsgenoot gegaan die een auto had. Een tijdje later kwam hij terug met die man en diens auto om haar naar het ziekenhuis te brengen, zo vertelde deze man mij. Ondertussen greep de vrouw, die dus zojuist bevallen was en naast de auto op de grond lag, mijn arm en kreunde en zakte weg. De man keek naar haar en vroeg aan mij: doe iets, we kunnen niet naar het ziekenhuis want dit is meer dan een uur rijden en dat zou ze zeker niet redden. Vervolgens greep de man mijn andere hand en plaatste die tussen haar benen. Ik voelde dat deze vrouw nog steeds veel bloed verloor. De man begon tegen mij te schreeuwen: “pray, pray” bid, bid. Ik vroeg de secretaresse hem te vragen rustig te worden en samen met mij te bidden.

Ik sloot mijn ogen, hoorde de vrouw kreunen en stotend adem halen. Ik begon mijn gebed: “Heer help deze vrouw. Als het Uw wil is dat ze gaat neem haar dan op in Uw barmhartigheid.” Terwijl ik dit gebed op zei stopte ze met ademhalen. Ik keek op naar de secretaresse en zij keek mij aan. Ik keek naar de vrouw die mijn arm nu losgelaten had. Ik keek naar mijn hand die tussen haar benen zat en naar de hand van de man die ervoor zorgde dat ik mijn hand niet weg kon halen. Ik bewoog mijn hand tussen de benen ten teken dat ik mijn hand daar wou weghalen. Hierop deed de man de ogen open en werd stil. De secretaresse begon tegen hem te praten waarop hij begon te huilen. Ik probeerde te controleren of zijn vrouw nog ademhaalde door mijn hand tussen haar borsten te plaatsen en zo te voelen of ze nog ademde. Maar niets bewoog. Vervolgens maakte ik mijn andere hand los uit de greep van de vrouw, die slap was. Ik probeerde haar pols te voelen maar ook hier niets. Ik keek weer naar de secretaresse en zei haar dat ik echt dacht dat ze dood was. Om dit nu duidelijk te maken aan haar man. Wat ze deed, hierop begon de man nog harder te jammeren. Vervolgens zei ik de secretaresse dat ik haar hulp hard nodig had en van die twee andere vrouwen. Ik zei haar dat ze samen met de man naar hun huis moesten zodat hij samen met zijn zoon en de andere kinderen kon bidden voor haar zielenrust. Dat ze met jerrycans water terug moest komen, en schone kleren en papier mee moest nemen.

Alleen de chauffeur en ik bleven bij haar. Ik vroeg of hij mij wou helpen om haar lichaam te verplaatsen naar een plekje verderop. Hierna begonnen wij beiden te bidden. Ondertussen kwamen de drie vrouwen er aan met de gevraagde spullen. Ik legde nu aan hen uit dat ik haar wou wassen en schone kleding aan wou doen en haar daarna naar haar huisje te dragen. Samen met deze drie vrouwen heb ik haar de laatste verzorging gegeven. Vervolgens tilde ik haar zelf op en droeg haar naar haar huisje waar ik de kinderen al hoorde huilen. Nu schoot ik vol en begon ik ook te huilen. Nu pas merkte ik wat ik allemaal had gedaan. Al die tijd heb ik de rust bewaard en probeerde dit ook naar anderen uit te stralen zodat de situatie rustig bleef. De man schoof een tafeltje opzij toen we binnenkwamen ik vroeg aan de secretaresse of ze een laken hadden en of ze deze op de grond wouden leggen. Ik knielde moeizaam neer en legde de moeder op dit laken, ik vouwde haar handen en keek toen naar de kinderen. Ze stonden bij hun vader tegen zijn been en hielden hem vast, hij had zijn handen als beschermende vleugels om hen heen en ze huilden. Ik voelde ook bij mij de tranen over de wangen rollen. Ik boog mijn hoofd en bad; “God geef deze vrouw de rust die ze nodig heeft en kracht aan dit gezin.´ Vervolgens stond ik op. De vader maakte zich los en knielde naast zijn vrouw neer en boog zijn hoofd over haar heen en de kinderen knielden rondom haar. Dit beeld van die vrouw liggend op dat laken en haar man en kinderen om haar heen gebogen staat op mijn netvlies gebrand. Ik liep met de secretaresse naar buiten waar de chauffeur nog stond. We konden niets anders dan huilen en keken elkaar zwijgend aan. Vervolgens gingen de twee vrouwen weg. Één van deze vrouwen kwam terug en begon tegen mij te praten. De secretaresse begon te vertalen dat deze vrouw degene was die bij de bevalling had geholpen. Ze voelde zich schuldig omdat zij haar nu dood had gemaakt. Ik keek haar aan en zag diep verdriet en wanhoop in haar ogen. Ik legde mijn handen op haar schouders en probeerde met een rustige, vriendelijke en zachte stem tegen haar te spreken. Ik hoopte dat mijn gezicht nu rust zou uitstralen. De secretaresse vertaalde verder wat ze zei: namelijk dat deze vrouw deed wat ze ook bij haar hadden gedaan toen zij beviel. Vervolgens zei ik tegen haar dat de dood van deze vrouw een ongeluk was. Ik wist niets anders te zeggen dan dat ze juist heeft gehandeld door te komen en haar buurvrouw te helpen met de bevalling. En ze heeft er zorg voor gedragen dat nieuw leven geboren kon worden. Het was de tijd van deze vrouw om te gaan en dat ze gerust mag zijn dat zij nu bij God is. Dat zij nu klaar moet staan om haar buurman te helpen om de kinderen te verzorgen, haar hulp is hard nodig. Ze keek me aan en omarmde me. Ze liep weg, ondertussen begonnen de andere buren te komen en keken me aan, het was inmiddels licht geworden. Toen pas zag ik hoe ik onder het bloed zat. Ik wou net weglopen toen de 11 jarige jongen naar mij toe kwam en vroeg waarom God zijn moeder had weggenomen, zo vertaalde de secretaresse. Ik knielde neer en keek de jongen aan en probeerde mijn tranen weg te stoppen en rust uit te stralen. Ik vertelde hem dat zijn moeder een heel goed mens is want anders zou God haar niet gehaald hebben. En dat zijn moeder niet weg was want vanuit de hemel zou zij zien hoe hij volwassen zou worden en welke keuzes hij zou maken in het leven. Zijn moeder is nu op een andere manier bij hem. Diep, diep in zijn hart en dat zijn moeder nu hem beter kon helpen, want vanuit de hemel zou zij beter kunnen helpen dan met de zorgen die ze hier voor hem had. Ik zei hem hierop te vertrouwen. Ik omhelsde hem en drukte hem tegen me aan en hij begon weer te huilen. Hierna ben ik samen met de secretaresse terug naar de pastorie gelopen. Enkele buurmannen begonnen nu voor het huisje in een droevig ritme te trommelen. Naarmate we dichter bij de pastorie kwamen werd het getrommel zachter. Toen ik thuis was heb ik eerst een uur in een stoel gezeten en enorm zitten janken. Toen kwam de priester uit de kerk, die had net de ochtend mis gedaan, het was inmiddels half 9 geworden. We hebben een hele tijd zitten praten waarna ik me heb gedoucht en met een filmpje op de bank ben gaan liggen nadat ik mijn ochtendgebed had gebeden voor deze vrouw en haar gezin.

De volgende dag is ze begraven. Na de hoogmis, zijn de pastoor en ik naar hun huisje gegaan en hebben eerst in de tuin van het gezin de mis gevierd en heb ik geassisteerd. Ik heb er gesproken op verzoek van de parochiepriester. Hiervoor heb ik psalm 25 (24) genomen. Deze psalm spreekt over de levensweg hoe God altijd bij mij (zo schrijft de psalmist) is geweest. Hoe wij in ons leven door pijn en verdriet geen horizon meer zien. We kunnen door onze vragen, zorgen en woede soms niet meer voor ons uit kijken doordat we ons hoofd gebogen houden. Willen wij vooruit komen in het leven moeten wij ons hoofd opgericht houden, hoe moeilijk dit soms ook kan zijn. Alleen als we ons oog op elkaar en op God gericht houden kunnen wij de horizon zien en zien waar wij lopen en onze voet niet stoten aan een steen. We mogen er op vertrouwen dat de Heer in zijn barmhartigheid op ons neerziet en ons kracht zal geven naar het kruis dat wij te dragen hebben. De priester had dit direct vertaald.

Ik keek naar de vader die een klein baby’tje in zijn handen hield, de baby lag vredig te slapen. Naast hem stond de 11 jarige jongen die beteuterd keek toen het lichaam van zijn moeder in het graf werd gelegd. Na afloop ben ik naar die jongen gelopen en heb ik hem gezegd dat ik zeker weet dat zijn moeder trots op hem zou zijn geweest omdat hij zo flink is. De parochiepriester vertaalde dit. En dat hij goed op zijn broertje moest letten en dat hij hem moet vertellen wie zijn moeder was. Ik vroeg naar zijn dierbaarste herinnering over zijn moeder. Hij vertelde me dat zijn moeder altijd een liedje zong wanneer hij verdrietig was. Ik vroeg hem dit liedje voor mij te zingen en terwijl hij dit zong zag ik een glimlach op zijn mondje komen. Toen zei ik hem dat hij zijn broertje dat liedje ook moest leren wanneer hij verdrietig was.

Toen ik opstond vroeg de vader iets aan de priester, waarop de priester ‘Sanders’ antwoordde, zo noemen de mensen mij hier. Toen zei de man weer iets, waarop de priester in het Engels tegen mij begon te vertellen wat de man zei. Omdat de man blij was met wat ik voor zijn gezin had gedaan zou het jongetje Sanders heten zodat hij zou weten dat een grote Muzungu, naar wie hij vernoemt is, zijn moeder naar de hemel heeft gebracht. Uit dankbaarheid hiervoor zou hij mijn naam dragen. Ik kreeg rode ogen hiervan want dit vind ik een eer die mij niet toekomt. Hierna verlieten wij het huisje en reden terug naar de pastorie waar we nog even rustig hebben gezeten.

Helaas moet ik u zeggen dat dit geen verhaal is maar een feitelijk schrijven en nu ik dit opschrijf zit ik ook weer te huilen. Als ik antwoorden had dan had ik ze graag gegeven maar ik heb ze niet, hierin sta ik machteloos. Ik heb er gewoon geen woorden voor.

Zeer aangrijpende verhalen vanuit een land verscheurd door burgeroorlog en armoede. Maar er is steeds hoop. En die hoop wil Sander levend maken door zijn apostolaat aldaar. Wij willen Sander en zijn werk warm aanbevelen. Beter om dit kleine doel te steunen dan om grote humanitaire organisaties zoals Broederlijk Delen te steunen, waar de katholieke identiteit ervan geheel is verloren gegaan.

Nog enkele sfeerbeelden:

Palmstoet op Palmzondag.
Vormsel.

Sacramentsprocessie.
Eucharistische aanbidding.
Kerk van de H. Naam van Maria van 1909.

Hoe kunt u doneren?
Hoe kunt u bijdragen aan dit project en werk?:

 

Uw bijdragen zijn meer dan welkom op bankrekening nummer NL64 TRIO 0254 8073 13 ten name van de Stichting Awaka

U kunt ook kledij of katholieke spullen (beelden enz) doneren. Meer info via mij.

http://www.awaka.nl/index.html

https://sanderinoeganda.wordpress.com/


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s