Verschijningen en openbaringen van zielen in het Vagevuur

purgatory1

Overledenen openbaren zich soms aan levenden, en dit is niet zo uitzonderlijk en komt veelvuldig voor in heiligenlevens. Te Rome bestaat er een museum van het vagevuur, enig in zijn soort, gesticht door E.P. Jouët, die met een echt kritisch-wetenschappelijke ijver meer dan driehonderd gevallen met veel zorg onderzocht. Hij aarzelde niet daarvoor lange reizen te ondernemen, originele stukken aan te werven of foto’s te laten maken van deze stukken en gewetensvol relaas uit te brengen over elk geval. Hier volgen enkele gevallen uit de vele.

museo-delle-anime-del-purgatorio-roma

Een blik in het museum.

Indruk nagelaten door de geest van mevr. Leleux op de hemdsmouw van haar zoon Jozef in de nacht van 21 juni 1789 te Wodecq bij Mons (België).

Op het ogenblik van de feiten was deze zoon 32 jaar oud, ambachtsman en leefde zoals iedereen, vermaakte zich in drankgelegenheden en danszalen. Het begon met nachtelijke sterke geluiden, elf nachten na elkaar, zodat hem eten en drinken verging met weerslag op zijn gezondheidstoestand. In den acht van 21 juni verscheen hem een vrouw gans in vlammen gehuld: “Mijn zoon, (hij was amper 5 jaar toen zijn moeder overleed) mijn zoon, zeg vaarwel aan drank- en dansgelegenheden, zoniet zult ge het Rijk der Hemelen niet betreden. Uw vader is nog drie Missen schuldig aan de Heer.” de zoon vroeg stamelend om vergiffenis, maar zij antwoordde: “Het is aan de allerhoogste dat ge om vergeving moet vragen. Verander uw levenstrant, bid veel voor de Kerk. Geef mij de hand.” En ondertussen drukte zij de hand op de schouder van haar zoon zodat op het linnen de indruk van een vrouwenhand achterbleef. Daarvan wordt de foto hierboven weergegeven. ’s Morgens vroeg ging de zoon, Jozef, alles overmaken aan de pastoor en biechtvader. De drie Missen werden zonder uitstel opgedragen en de moeder werd uit het Vagevuur verlost, na 27 jaar. De verschijning bewerkte de bekering van de zoon en van talrijke familieleden en vrienden. Zo vormde zich in 1800 de geestelijke familie van de Fort-Lillo bij Mons. Later stichtten zij een kloostergemeenschap met de H. Basilius als patroon. Jozef Leleux stierf in de geur van heiligheid in 1825.

Verschijning in 1670 van de geest van de eerste vicaris van Hall (Tirol), Christophe Wallbach, overleden op 5 mei 1605.

De eerste vicarissen van Hall bekleedden van oudsher een zeer belangrijke plaats; zij waren de aangestelde predikanten van de parochie. Na het overlijden van de vicaris Christophe Wallbach, werd zijn huis door ‘geesten’ bezocht. Schokken, geluiden en lawaai waarvan de oorzaak onbekend bleef. Dit duurde 65 jaar. In 1670 woonde daar de eerste vicaris Mathias Eberlé, met een zeer vrome en deugdzame huishoudster. Deze bekloeg zich het niet langer te kunnen uithouden omdat het huis door ‘geesten’ werd ingenomen. De vicaris verlangde niet gestoord te worden door die praatjes, maar opeens stond de geest van vicaris Wallbach voor hem. Het open boek op de tafel werd dichtgeslagen en de geest zette een duim op de omslag. Het boek bevatte sermoenen over de H. Maagd en werd gedrukt in Ingolstadt in 1595, gebonden in hout en bedekt met leer. De sporen van de verbranding gaat tot bladzijde 81. Het boek werd vanaf de predikstoel aan het volk getoond en maakte grote indruk.

Afdrukken nagelaten door de geest van Vader Panzini op een kleine houten tafel en de mouw van een hemd van abdis Isabella Fornari, overste van de Arme Clarissen van het klooster van St. Franciscus in Todi, in 1731.

De vier markeringen werden nagelaten door de overleden Vader Panzini, de vroegere Benedictijner abt van Mantua, op 1 november 1731. De eerste afdruk is de linkerhand ingedrukt in de tafel die abdis Isabella gebruikte voor haar werk; het is heel duidelijk, en het draagt ook een kruisteken die diep in het hout is ingebrand. De tweede is dezelfde hand op een stuk papier; de derde is de rechterhand op de mouw van de tuniek van de abdis en het vierde is dezelfde hand op de tuniek, maar die door de tuniek ging en een afdruk naliet op de mouw van het hemd, en dat met bloed bevlekt werd. Het relaas van deze gebeurtenissen werd gegeven door Fr. Isodoro Gazala van het Gezegende Kruis, de biechtvader van de abdis. Hij beval haar van de delen af te snijden waar de afdrukken werden nagelaten en ze aan hem te geven om te bewaren.

Afdruk van de vingers van de geest van mevrouw Louise Le Sénéchal op de slaapmuts van haar echtgenoot Jean in 1875.

Voor haar dood deed zij haar echtgenoot beloven te zorgen voor gebeden. Deze hield echter zijn belofte niet en kort daarop hoorde hij ’s nachts in zijn huis vreemde geluiden en zag hij iets als bewegende schaduwen; dit hield een tweetal jaren aan. Eindelijk verscheen hem ’s nachts een vrouw midden in het vuur. Hij herkende aanstonds zijn vrouw, en zij sprak: “Ge hebt me beloofd gebeden voor mij te laten verrichten en ge hebt uw belofte niet gehouden. Vraag geld aan mijn dochter, deze zal u helpen.” Hij antwoordde: “Ze zal me niet willen geloven!”. “Ze zal u wel geloven, ik geef u een bewijs.” En ze plaatste haar hand op de muts die zijn hoofd bedekte. Bij nazicht bleek deze op 5 plaatsen verbrand te zijn. De echtgenoot, Jean Le Sénéchal, vroeg de gebeden aan de zusters Trinitariërs en hun aalmozenier, kanunnik Moudonit, droeg verschillende Missen op. En vrome personen deden de kruisweg. De geluiden en verschijningen van schaduwen hielden op. Bij inspectie van de vlekken viel de stof van de duimvlek uit (zie ook foto in het midden). Het verslag van deze gebeurtenis werd opgemaakt door priester Jean Hay.

 

Uit: “Brief uit de Hel”, niet officiële uitgave door Frans Jacobs, Mechelen

Foto’s: google

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s